Wij gebruiken cookies om uw ervaring beter te maken. Om te voldoen aan de cookie wetgeving, vragen we uw toestemming om de cookies te plaatsen. Meer informatie.
De Japanse Spits
Rasgroep van de Japanse Spits
De Japanse Spits behoort tot de Rasgroep "Spitsen en Oertypes"Geschiedenis van de Japanse Spits
De Japanse Spits komt oorspronkelijk uit Japan. Hij was eerst een echte waakhond, maar de populariteit daalde. Later werd hij herondekt als gezelschapshond en geïmporteerd naar Europa. Op dit moment zijn er nog niet veel Japanse Spitsen in Nederland. Bij het kopen van een Japanse Spits dient u erop te letten dat de stamboom die u bij de hond krijgt een stamboom is van de Nederlandse Raad van Beheer. Er zijn helaas enkele fokkers actief die Japanse Spitsen "met papieren" verkopen. Maar dat is een ARBA stamboom uit de USA en die is niet geldig in Nederland. En indien u mee wilt doen aan wedstrijden, shows of wellicht zelfs wilt fokken, dan zijn deze honden met deze stambomen niet welkom. De prijs van deze honden is gelijk als die van de erkende Fokker die ook lid is van de Nederlandse Keeshonden Club. Informeer bij de Nederlandse Keeshonden Club alvorens u een pup aanschaft.Rasstandaard van de Japanse Spits
De Japanse Spits is een licht rechthoekige kleine keeshond. Hoofd: middelgroot, met een geronde schedel, matige stop. Spitse voorsnuit, niet erg lang, goed gevuld onder de
ogen. Kleine, ronde en zwarte neusspiegel, droge, zwart gepigmenteerde lippen.
Ogen: middelgroot, driehoekig, iets schuin staand, dicht bij elkaar. Ze moeten donker zijn, met zo donker mogelijke oogranden.
Oren: klein, driehoekig staand, hoog aangezet, naar voren gericht.
Gebit: schaargebit.
Hals: matig lang, goed gespierd.
Lichaam: kort, recht. Sterke rug met een goed ontwikkelde schoft. Diepe en brede borstkas, goed gebogen ribben, goed opgetrokken buiklijn. Brede lendenen, lange en iets gebogen croupe.
Ledematen: goed gehoekt in schouder en opperarm, matig sterke botten, rechte voorbenen, iets verende voormidden voeten. Krachtige achterbenen, met normaal gehoekte knie- en spronggewrichten, lage sprongen, evenwijdige achterbenen.
Voeten: klein, rond, met goed gesloten tenen. Dikke, donkere voetzolen, zwarte of donkere nagels.
Staart: matig lang, hoog aangezet, op de rug gedragen.
Gangwerk: lichtvoetig, levendig en zacht, hetgeen typerend is voor het ras.
Vacht: recht opstaand dekhaar, kort, zacht en dicht onderhaar. De vacht moet het langst zijn op de schoft, op de schouders en op de borst, waar hij een kraag vormt. De staart moet overvloedig behaard zijn. Op de snuit, de oren, de voorkant van de benen en de sprongen is de vacht korter.
Kleur: zuiver wit.
Schofthoogte: ideale hoogte van een reu is 30-38 cm, een teefje is iets kleiner, namelijk 30-35 cm